Mark Nijssen, leerling verpleegkundige in Jeroen

 Interview met Mark Nijssen, leerling verpleegkundige in Jeroen

“Ik raad het iedereen aan: ‘Ook jij kunt op elk moment in je leven kansen grijpen en een nieuwe keuze maken.”   

Wie ben je?  
Ik ben Mark Nijssen, 42 jaar, geboren en (opnieuw) woonachtig in Haarlem, vader van twee dochters (een tweeling van vijf jaar) waaraan ik heel graag tijd besteed. Ik heb in Haarlem het VWO doorlopen; daarna heb ik eerst scheikunde en later politicologie gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam. Geen van deze studies heb ik afgerond; ze bleken me uiteindelijk niet voldoende te liggen. Indertijd had ik een bijbaantje bij een supermarktketen. Een manager daar heeft mij toen gevraagd aan te blijven en mij een doorgroeitraject aangeboden tot ‘supermarktmanager’. Dat ben ik tot september 2019 vrij succesvol geweest. Maar ik voelde me de laatste paar jaar niet meer op mijn plek in het beroep. De sfeer werd alsmaar zakelijker en de keten bleek het model van teambuilding wat mij voor ogen stond te duur te vinden. Ik moest steeds vaker slechtnieuwsgesprekken voeren met mijn personeel. Daarom heb ik een tijdlang intensieve gesprekken gevoerd met familie en vrienden. Wil ik dit nog wel? Wie ben ik en wat past bij mij? Op een gegeven moment heb ik besloten te solliciteren op banen in de non-profitsector. Ofwel het basisonderwijs, ofwel de zorg. Ik bleek in beide sectoren kansen te hebben, en toen ik eenmaal in beide sectoren een paar dagen had meegelopen en ik zeker wist dat wat mij betreft de zorg het hoogste scoorde, heb ik mijn baan opgezegd bij mijn voormalig werkgever. Die was niet blij, dus dat werd nog best lastig. Ikzelf heb nog geen seconde spijt gehad van mijn besluit. Hier, in Marente, heerst nooit chaos en zelfs na een korte vakantie voel ik mij hier onmiddellijk weer thuis. Ik geniet erg van deze overstap.   

Waar werk je nu?  
Ik werk op afdeling Bloesem in woonzorgcentrum Jeroen te Noordwijk. Dit is een afdeling voor 32 zorgvragers met somatische problematiek. Ik vind het leuk werk. Wat mij in het verpleegkundig werk zo aanspreekt is dat je zowel snel moet kunnen handelen, voelen, als nadenken. Het is dus een heel compleet vak. Vroeger werd wel gezegd: verpleegkundigen zijn de handen aan het bed. Die uitdrukking klopt niet meer: je moet als verpleegkundige veel meer kunnen dan handelen. Ik leer nu bijvoorbeeld klinisch redeneren: je gaat na wat er aan de hand kan zijn en daarvoor moet je heel rationeel afleiden en uitsluiten: wat zie ik wel aan symptomen en wat zie ik juist totaal NIET?  In overleg met de artsen moet je als verpleegkundige op basis van die waarnemingen tot een diagnose komen. Juist vanochtend had ik nog zo’n gesprek met een arts, want ik vond dat ik iets anders zag dan ik op grond van zijn informatie had verwacht. Je moet je dus continu bewust zijn van die ene individuele patiënt; ook moet je niet zelden snel durven overleggen of handelen. Naast mijn werk volg ik de duale opleiding tot verpleegkundige bij MBO Rijnland. Ondanks mijn VWO diploma heb ik bewust voor dat MBO niveau gekozen. Ik had na jarenlang noeste arbeid geen behoefte aan een zwaar traject waarin ik naast mijn werk elk vrij uur zou moeten studeren. Ik wil als 42 jaar oude vader na deze ingrijpende carrièreswitch ook graag tijd hebben voor het gewone leven.  Ik besteed graag tijd met mijn familie en soms mag ik ook graag een riedeltje gitaar spelen. Bovendien lees ik graag boeken over hoe je je persoonlijkheid verder kunt ontwikkelen; dat vind ik nu heel interessant. Ik vind de opleiding heel erg leuk. Ik zit met 3 mannen in een klas met 33 vrouwen, en de leeftijd in onze groep loopt uiteen van 18 tot 49, dus ik ben beslist niet de enige tweede kanser. We kunnen daardoor veel van elkaar leren, op allerlei gebied. Jammer is wel dat we elkaar in deze coronacrisis heel weinig in het echt ontmoeten. Slechts eenmaal per vier weken zijn we fysiek op school aanwezig voor de lessen in praktische vaardigheden. Toch hoop ik straks nog verder door te groeien.   

Hoe komt het dat je in de ouderenzorg bent gaan werken? 
Dat komt in feite puur doordat Marente mij de kans heeft geboden deze opleiding te volgen. Ik moet voor de opleiding straks ook twintig weken elders stage lopen. Die weken had ik best graag in het LUMC rond gekeken, maar er is mij een plaats aangeboden door GEMIVA , in een beschermde woonvorm voor mensen met Niet Aangeboren Hersenletsel in Leiderdorp. Ik heb er al kennis gemaakt en dat was een prettig gesprek. Men huisvest er vooral mensen met een verstandelijke beperking én neurologische ziektebeelden. Dat lijkt me erg interessant. Kortom: ik laat me verrassen door wat ik tegenkom. Maar over twintig weken kom ik weer terug op Bloesem en daarna volgt de revalidatieafdeling binnen Marente.  

Hoe werd je als man ontvangen in Marente? 
Heel prettig. Ik heb ook wel andere zorgleveranciers benaderd, maar die hadden een veel zakelijker opstelling. Marente spande voor mij echt de kroon.  De opleidingscoach van Marente speelde in dit traject een grote rol.  De sfeer die zij creëerde was werkelijk persoonsgericht. Ik moest natuurlijk wel enig inkomen inleveren vergeleken bij mijn managementfunctie in het supermarktwezen, maar Marente ging niet tot de bodem en bood bovendien deze mooie opleidingskans. Ik voelde me hier zeer welkom. Dus ik hapte toe. En het is het helemaal.   

Op welke manier verschillen volgens jou mannen van vrouwen in de ouderenzorg? 
Ik denk niet dat mannen echt andere zorg leveren dan vrouwen, maar als man breng je wel een andere sfeer in. Ik ervaar mannen als meer ‘recht voor zijn raap’, duidelijker. En ik merk aan de cliënten dat zij het waarderen dat zij ook met mannen kunnen praten. Ook zie ik dat mijn openheid en extraverte persoonlijkheid een positief effect heeft op de zorg die ik lever en op wat ik bij de zorgvrager teweegbreng. 

Wie of wat zou jou het meest inspireren om in de ouderenzorg te blijven? 
Ik zou het heel goed vinden als we nóg persoonsgerichter zouden werken. En daarnaast vind ik het belangrijk dat Marente nóg dynamischer reageert op de veranderende zorgvraag onder onze cliënten. Nu de ouderen zo lang mogelijk thuis moeten blijven wonen zie je dat nieuwkomers als ze eindelijk een indicatie krijgen bij binnenkomst vaak al ernstige lichamelijke of gedragsproblemen hebben. Daar zijn onze somatische afdelingen nog onvoldoende op ingesteld. Sommige mensen hebben echt meer aandacht nodig dan ze krijgen.  Tot slot vind ik het belangrijk dat de overheid financieel duidelijk maakt dat wij belangrijk werk doen. Ik zit hier in Jeroen in een ongelooflijk leuk team, met allemaal collega’s die hun werk met passie uitvoeren. Die passie lijkt nu door de overheid misbruikt te worden. Dat moet anders: die passie moeten ze juist waarderen en honoreren.    

Waarop zal jij als je met pensioen gaat het meest tevreden terugkijken? 
Dat weet ik nog niet. Ik had voordat ik de zorg inging ooit het idee om op den duur naar een afdeling kinderverpleegkunde over te stappen. Maar zeker weet ik dat nu niet meer. Ik laat me graag verrassen door wat ik ervaar en wil hier open in staan. Voor mij de belangrijkste les uit alles wat ik de laatste twee jaar heb meegemaakt is dat ik mijn hart moet volgen. Misschien ben ik straks wel trots als blijkt dat ik die instelling heb weten vast te houden.  

 

Cecile aan de Stegge
Cecile aan de Stegge
- Onderzoeker/docent Lectoraat Verpleegkundige Intramurale Ouderenzorg bij hogeschool Leiden

Alle blogs & vlogs van Cecile aan de Stegge

Meer blogs en vlogs